Preken

Hieronder kunt u de wekelijkse overwegingen lezen  die 
Vader Paul Brenninkmeijer schrijft in deze corona-tijd.

 

Preek op de zondag na kruisverheffing

In het evangelie vraagt Jezus van zijn volgelingen dat zij hun kruis zullen dragen. Je kruis dragen wat is dat? Er zijn verschillende vormen van lijden. Wereldwijd lijden mensen door de gevolgen van de Corona-epidemie, in arme landen nog veel erger dan in ons land. Er is lijden door ziekte of rampen dat bijna ondragelijk kan worden. De bijbel vertelt over Job. Job klaagt tegen God over zijn diepe ellende. Hij vindt dat hij onschuldig is. Maar de boodschap van het boek Job is niet dat Job dit lijden maar geduldig moet dragen, maar dat Job toch op God blijft vertrouwen en dat God hem in zijn ellende uiteindelijk niet in de steek laat. Als Jezus ons vraagt ons kruis te dragen dan is dit soort lijden hier nog niet mee bedoeld. En ook niet het lijden dat mensen zichzelf aandoen. Wat is dat dan voor lijden? Wij mensen hebben de neiging om onszelf te vergelijken met anderen. Zo kun je je als kind ongelukkig voelen als jij in de klas lagere cijfers haalt dan je klasgenoten. Wie als volwassene ontdekt dat zijn buurman veel meer verdient dan hij, kan vanaf dan klagen over zijn salaris. Toen mensen in arme landen een TV kregen en de weelde van de rijke landen zagen werden zij veel minder tevreden. Het jezelf vergelijken met anderen kan ertoe leiden dat je je slachtoffer voelt, en vaak blijven mensen hangen in die slachtofferrol. Alle blijheid verdwijnt uit hun leven. Die blijheid keert pas terug als zij hun frustratie te boven komen. Dat gaat niet vanzelf. Er moet iets met een mens gebeuren, van buiten af. Een ervaring dat al het goede in het leven een geschenk is, en dat je dankbaar kunt zijn om de kleinste dingen. Kijk naar de lelies in het veld, de vogels in de lucht, zei Jezus. Jezus zag in alles de goedheid van God zijn Vader. En vanuit die ervaring kon Jezus zich aan andere mensen in liefde geven, helemaal. Maar dit bracht hem wel in moeilijkheden. Hij at samen met zondaars en tollenaars en daar werd Hij om ter dood veroordeeld. En zo gaf Hij zich zelf in liefde tot op het kruis. En ook al bad hij op het kruis God, mijn God, waarom hebt Gij mij verlaten, toch stierf Hij in overgave aan God: Vader  in uw handen beveel ik mij. Wie echt beseft dat het leven een gave is van een goede Gever, kan de moeite opbrengen om zich in liefde aan anderen te geven.  Ik sprak een jongeman, ZZP’er, die door Corona de helft van zijn inkomen moet missen. Hij kwam een leeftijdgenoot tegen, een kunstschilder, die nog veel moeilijker kan rondkomen dan hij. Die ZZP’er kocht voor 500 euro een schilderij van die schilder en toen ie thuis kwam besefte ie dat deze uitgave eigenlijk te veel voor hem was. Maar onverwachts kwam er voor deze ZZP’er in diezelfde week een financiële meevaller waar hij niet op gerekend had. Dit was, zo zei hij, voor hem een teken dat er in het leven een verborgen kracht is, je kunt dat God of goddelijk noemen, die ons mensen aanzet tot liefde en die je daarbij beloont. Je mag niet op die beloning rekenen, soms duurt het een tijd voordat je iets van die beloning ziet. De beloning hoeft ook helemaal niet geld of iets materieels te zijn, het kan ook het geluk zijn door wat anderen je aan liefde teruggeven. Je kruis dragen betekent dat je jezelf aan anderen durft te geven, in liefde of voor de goede zaak. En dat je de moeite of pijn die dit kost durft te dragen. Het is durven leven in vertrouwen dat wij in ons leven gedragen worden door een hele grote liefdevolle macht. Op het kruis van Jezus volgt Verrijzenis. Wij aanbidden dan ook dit Kruis, straks na deze liturgie.

vader Paul


Overweging op de zondag vóór Kruisverheffing (13 sept 2020) 
Evangelie: Johannes 3, 13 –17

We lezen in het evangelie van deze zondag: ‘God heeft zijn Zoon niet naar de wereld gezonden om over de wereld te oordelen, maar opdat de wereld door Hem zou worden gered’. Met het woord ‘oordelen’ is veroordeling en afwijzing bedoeld. Jezus weigert dit laatste op talloze plaatsen in het evangelie. Tegen de vrouw die betrapt was op overspel zei Jezus: ‘ik veroordeel u niet’, nadat de mannen die haar bedreigden afdropen na Jezus’ opmerking: ‘wie van jullie zonder zonden is werpe het eerst een steen op haar’.
Op Jezus is van toepassing wat de profeet Jesaja over de Dienaar van JHWH profeteerde: ‘Hij roept niet, hij schreeuwt niet, hij zal het geknakte riet niet breken en de kwijnende vlam niet doven.’

In  de parabel over het onkruid op de akker willen de knechten van de boer het onkruid uitroeien, maar deze zegt: ‘Nee, laat onkruid en tarwe samen opgroeien tot de oogst.’ Het gaat hier om Gods geduld met ons mensen, bij wie goed en kwaad met elkaar verweven zijn. En zo toonde Jezus compassie met zondaars en tollenaars met wie hij aan tafel aanzat, en wilde hij uitgerekend in het huis van de tollenaar Zacheus als enige in Jericho te gast zijn. Dit uitblijven van enige veroordeling was zo overrompelend dat Zacheus het  geld terug gaf aan wie hij benadeeld had.
Jezus kwam op voor mensen op wie door de rest van de samenleving werd neergekeken, ofwel omdat ze een foute levenswandel hadden, ofwel omdat men meende dat hun ziekte of lichamelijk gebrek een straf van God was. Maar toch oordeelde Jezus hard over diegenen die zich ver boven anderen verheven voelden, omdat ze zichzelf perfect achtten, zoals sommige Farizeeën en schriftgeleerden. ‘Jullie zijn witgepleisterde graven, van buiten mooi, maar van binnen vol rottigheid en bederf.’ En: ‘Ik ben gekomen om blinden de ogen te openen, maar ook om de blindheid van de zienden aan het licht te brengen’, zo zegt Jezus in het verhaal over de genezing van de blindgeborene.  Dit was niet zozeer een veroordeling die een afwijzing inhoudt, maar een ontmaskering. Deze ontmaskering was nodig om hen van hun eigenwaan te redden. Maar het hielp vaak niet. Uiteindelijk leidde het optreden van Jezus, zijn omgang met zondaars en tollenaars tot zijn veroordeling tot de kruisdood.
Zo droeg hij het lot van allen die door afwijzing van de kant van hun medemensen uitgerangeerd zijn. Toch werd zijn kruisdood onze redding, want het is het grote teken van Gods vergeving, voor ieder die daar voor open staat: ‘Vader, vergeef het hun want zij weten niet wat zij doen’. Uiteindelijk is er wel een laatste oordeel. Zoals het in de parabel wordt verteld: ‘als de oogsttijd daar is wordt het onkruid bijeen geraapt en verbrand en wordt de tarwe opgeslagen in mijn schuur.’

Gods beslissend oordeel gebeurt met rechtvaardigheid maar vooral ook vanuit barmhartigheid, zo geloven wij. Eigenlijk veroordeelt ieder die deze barmhartigheid afwijst zichzelf, als men meent geen vergeving nodig te hebben. Maar het idee van een goddelijk oordeel leeft nauwelijks meer in deze moderne tijd. De bekende Vlaamse kerkjurist Rik Torfs zegt in een interview: ‘Er is geen goddelijk oordeel meer, maar wij oordelen intussen snoeihard over elkaar, en vooral over publieke figuren. Vanuit het idee dat alles maakbaar is, ook de mens, gaat wie niet perfect is de mestvaalt op. Iedereen kan zomaar aan de schandpaal belanden en ruimte voor barnhartigheid en vergiffenis is er nauwelijks meer’. Wij leven in een wereld die de pretentie en de eis heeft dat wij mensen perfect moeten zijn. Dit zet steeds meer mensen, en vooral ook jongeren, onder druk en leidt maar al te vaak tot stress en overspannenheid. Het kruis van Jezus leert ons om mild en vergevingsgezind met elkaar te leven.

Vader Paul

 

Overweging op de 14 e zondag na Pinksteren (6 sept. 2020)
Evangelie: Mattheus 22,1-14
 
In het evangelie van deze zondag vertelt Jezus de parabel van het koninklijke bruiloftsmaal. Een Koning nodigde gasten uit voor het bruiloftsfeest van Zijn Zoon. Maar deze eerst genodigden wilden niet komen. Ze waren druk bezig op hun akker, of in hun business. Dan stuurt de koning zijn dienaren naar de kruispunten van de wegen om ieder die zij tegenkomen voor het feest uit te nodigen, ‘slechten zowel als goeden’. De bruiloftszaal liep vol. Maar onder de aanwezigen is er iemand die geen bruiloftskleed aanheeft. Wie is hier mee bedoeld?
We zouden kunnen denken aan iemand met een verkeerde levenswandel. Maar eerder is al verteld dat onder die gasten naast de goeden ook de slechten behoorden. Het gaat hier kennelijk niet om een louter moreel gebrek. Maar wat dan wel? In de Byzantijnse liturgie van de Heilige Grote week voor Pasen, de Goede Week, wordt een gezang gezongen met de tekst: ‘Uw bruiloftszaal, mijn Verlosser, zie ik rijk versierd. Maar ik heb geen kleed om daar binnen te treden. Maak weer stralend het gewaad van mijn ziel, Schenker van het Licht, en verlos mij’. De voorwaarde om aan het bruiloftsfeest deel te kunnen nemen is het besef dat je verlossing nodig hebt. Je leven kan er prachtig uitzien, als een rijk versierde feestzaal. Je hebt successen behaald, je hebt werk dat je veel voldoening geeft, relaties met andere mensen die je gelukkig maken, je hebt je talenten volop kunnen ontplooien, en toch ontbreekt er iets.
 
In de Bijbel wordt de mens getekend in zijn grootheid, maar ook in zijn tekort. De apostel Paulus tekent de tragiek van ons mensen in zijn brief aan de Romeinen ( hoofdstuk 7, 15): ‘Wat ik doe doorzie ik niet, want ik doe niet wat ik wil, ik doe juist wat mij tegenstaat’. Je kunt als mens nog zo succesvol en gewaardeerd zijn, we hebben allemaal deel aan wat er mis gaat in de wereld. We kunnen ons geen van allen onttrekken aan het kwaad in de wereld, alsof het alleen maar iets van anderen is, alsof we zelf daar in blanke onschuld buiten staan. Jezus veroordeelt de hoogmoedige Farizeeër die hoog opgeeft over zijn eigen deugden maar die neerziet op de tollenaar met al zijn fouten. Wij mensen leven niet meer in het Paradijs en verdreven uit het Paradijs ontdekten de eerste mensen, ‘dat zij naakt waren’. In het paradijs, zo zeggen de kerkvaders, waren de eerste mensen bekleed met louter licht. Maar zij verloren het kleed van de onschuld. Daarom klinkt het in de Goede Week: ‘Maak weer stralend het gewaad van mijn ziel, Schenker van het Licht’. Op de berg Tabor verschijnt Jezus als de nieuwe mens in een kleed van stralend licht voor de verwonderde ogen van zijn drie uitverkoren apostelen. Als een belofte dat al zijn leerlingen met dit kleed van licht bekleed zullen mogen worden. Door Christus mogen wij nieuwe mensen worden. Ondanks dat ook wijzelf deel hebben aan de praktijken van het kwaad. Het dragen van een bruiloftskleed betekent dat wij enkel kunnen leven uit Genade. Daarom hebben wij bij ons doopsel een wit kleed ontvangen. Want wij mogen door Christus nieuwe mensen zijn. Het is Zijn Geest die dit bewerkt. Niet langer leven wij enkel op onszelf en voor onszelf. Wij zijn opgenomen in een gemeenschap die door Christus en Zijn Heilige Geest bijeen gehouden wordt.
Wat is het dan mooi, dat wij als byzantijnse gemeenschap dit lijfelijk kunnen weer beleven als wij op 20 september onze viering in Utrecht kunnen houden, ook al zal nog niet iedereen er echt bij kunnen zijn. Op dinsdag 8 september vieren wij het feest van de geboorte van de Moeder Gods, Maria. Op iconen duidt de dieprode kleur van haar mantel aan dat zij geheel bekleed is
met genade, terwijl haar onderkleed in blauw of groen haar mens-zijn uitbeeldt. Zij is mens net als wij, maar wijst ons op onze bestemming. 

vader Paul

 

Overweging op de 13e zondag na Pinksteren (30 aug.) 

In de Bijbel komen we het joodse volk op twee manieren tegen. Allereerst als mensen onderweg, zonder thuis. Abraham en zijn familie zochten een nieuw land. Zijn nakomelingen werden slaven en vreemdelingen in Egypte. Ze werden vluchtelingen in de woestijn, en later berooide ballingen in Babylon. Als vreemdelingen, vluchtelingen en ballingen leven ze van wat ze met hun vee of onderweg aan voedsel vinden, zij ervaren het als gave van God die hen niet laat omkomen van de honger.
Daarnaast ontmoeten we de Joden ook als de gesettelde bewoners van het land van Belofte. En zo worden ze in het evangelie van vandaag geschilderd als werkers in de wijngaard ( Matheus 21, 33 – 42 ). Jezus sluit met deze parabel aan bij de profeet Jesaja. Het is God zelf die de wijngaard aanlegt, zo zegt de profeet, er vol zorg de stenen verwijdert, er edele wijnstokken in plant en er een perskuip in bouwt. God laat er zijn volk als pachters in werken, in de hoop dat zij er ook de goede vruchten van voortbrengen. Maar dit gebeurt niet. Zoals de nomaden in de woestijn in de verleiding komen om het vertrouwen in God op te geven en terug te verlangen naar de onvrijheid in Egypte, zo laten ook deze gesettelde wijnbouwers het afweten: God verwachtte goede druiven, maar het werd enkel bocht, God verwachtte ‘goed bestuur, maar het werd enkel bloedbestuur, rechtsbetrachting, maar het werd rechtsverkrachting’. In de evangelieparabel stuurt God als eigenaar van de wijngaard zijn dienaren, de profeten, om de vruchten van de wijngaard in ontvangst te nemen, maar de pachters mishandelden en doodden deze profeten. Tenslotte stuurt de Eigenaar zijn Zoon, maar ook die wordt gedood.
Aldus schildert Jezus de teleurstelling van God in zijn volk. Het gaat hier niet enkel om het joodse volk, maar om ons allemaal.

Israël is in de Bijbel ‘pars pro toto’, symbool van de gehele mensheid. God heeft ons mensen in deze aarde met al zijn mogelijkheden en rijkdom de kans gegeven om hier in vrede en welvarend te leven. Maar we zien om ons heel wat er van terecht komt. Hoe de aarde uitgebuit en leeggeplunderd wordt en met vergiftiging en vervuiling wordt bedreigd. Het is bijna 1 september, en in navolging van het patriarchaat van Constantinopel heeft paus Franciscus deze eerste september uitgeroepen tot dag van de zorg voor het behoud van de schepping. In de encycliek Laudate Si wijst hij de weg naar een eerbiediger omgang met de ons gegeven schepping. En hij verwijt de gesettelde welgestelden dat zij de armen in de wereld tot slachtoffers maken van hun levensstijl.                                                                           

De heilige Augustinus, 28 augustus was zijn feestdag, vertelt in zijn Belijdenissen hoe hij als 16 jarige jongen met vrienden peren stal. Hij ziet dit als symbool van het kwade in ons mensen. Hij had thuis veel mooiere peren tot zijn beschikking, maar het stelen zelf gaf een genot dat onweerstaanbaar was. Bovendien,  schrijft hij, zou ik op mijn eentje, nooit tot die diefstal zijn gekomen, maar ik wilde niet onderdoen voor mijn vrienden en deed enthousiast met hen mee. Augustinus wijst erop dat wij mensen ons blind staren op de geschapen dingen en de Gever van alles die ons zijn liefde bewijst in de geschapen dingen verwaarlozen. En hoe wij elkaar meesleuren in deze verkeerde manier van omgang met de dingen. Achter de geschapen dingen moeten wij allereerst God zoeken. Van Hem uit zullen wij de aardse dingen zelf meer in hun waarde kunnen schatten en tot recht laten komen. Dan kun je ook met weinig heel tevreden zijn en voor alles en in alles God kunnen eren en danken. De Belijdenissen heeft Augustinus dan ook als één doorlopende lofprijzing geschreven.

vader Paul 

 

Overweging voor 12e zondag na Pinksteren (23 augustus) 
Het evangelie van deze zondag ( Matheus 17, 14 – 23 ) volgt op de verheerlijking van Jezus op de berg Tabor. De tegenstelling kan niet groter zijn: boven op de berg de overrompelende ervaring van een overweldigend licht, dat van Jezus afstraalt, beneden onder de berg de ontreddering van een wanhopige vader om zijn epileptische zoon en de onmacht van de achtergebleven leerlingen die de jongen niet kunnen genezen. Dan roept Jezus uit: ‘O ongelovig en verworden geslacht, hoe lang nog moet ik bij jullie zijn, hoe lang nog moet ik jullie verdragen’. Jezus zegt dan aan zijn leerlingen dat zij de jongen niet konden genezen om hun gebrek aan geloof. Dit roept de vraag op: hoe zit het eigenlijk met òns geloof?
Jezus zegt dat je geen groot geloof hoeft te hebben. Integendeel, al heb je een geloof, dat zo klein is als een mosterdzaadje, dan nog kun je er bergen mee verzetten. Wat is dan bedoeld met dit klein geloof? Veel mensen maken van het geloof te veel een zaak van hun verstand en dat is een grote misvatting. Denkend met je verstand alleen kun je de maagdelijke geboorte van Jezus uit Maria en Zijn verrijzenis uit de dood moeilijk aannemen, omdat het ingaat tegen onze logica. Dan ga je ook twijfelen of bidden tot God iets oplevert.
Maar geloven is veel meer een zaak van het hart. Iets heeft je zo diep geraakt dat het in je binnenste tot leven komt. Het is je overvallen en je kunt niet anders meer dan je overgeven aan iets dat veel groter is dan jezelf, en veel groter is dan je verstand. ‘Credo quia absurdum’: ik geloof omdat het absurd is, schreef de kerkvader Tertullianus. Credo quia absurdum is juist een argument om wèl te geloven. Omdat je diep in je hart geraakt bent door iets dat oneindig groter is dan ons menselijke redeneren erken je de waarheid van het geloof terwijl het zo ‘absurd’ lijkt.

Zo’n geloof mag dan best een ‘klein geloof’ zijn, zo leert Jezus, een geloof dat vol met vragen zit, een geloof dat ook niet overal een antwoord op weet. Maar waarbij je wel ontvankelijk bent voor het wonder, voor wat groter is dan wijzelf. Je weet je aangeraakt door iets buiten jezelf en je laat je bij dat grote betrekken. Het gaat samen met een oproep, en de bereidheid om daar aan gevolg te geven. 

Dan wordt bidden ook anders. In plaats van tot God te roepen: ‘o God, doet er iets aan, aan de ellende hier, o God kom in beweging’, besef je dat God mijzelf in beweging wil krijgen. God brengt ons niet op een presenteerblaadje een andere wereld waarin onze probleem in een oogwenk opgelost zijn. Maar God zaait in ons hart een zaadje, zo klein als een mosterdzaadje en van daar uit kan een nieuwe wereld uitbloeien. Er ontstaat geloof, hoop en liefde en zo kunnen mensen het vol houden, ook in uiterst moeilijk situaties. 

Afgelopen zondagavond was op TV de documentaire ‘For Sama’. Een beeldverslag van het met bombardementen belegerde Aleppo. Gefilmd door een journaliste die met haar man, een arts, en hun pasgeboren dochtertje, Sama, tot het laatste toe in de steeds meer vernietigde stad blijven, uit solidariteit met de slachtoffers. Wonend  in een noodziekenhuis dat niet op de kaart staat zodat het niet zoals alle andere ziekenhuizen door de granaten en vatbommen van het Syrische regeringsleger of door de Russische vliegtuigen kapot geschoten wordt. Op het laatst is de gehele stad door de Syrische machthebbers heroverd. Dan kunnen deze helden alleen nog maar vluchten om hun leven te redden. Wat ze meenemen is een plant uit hun tuin, met knoppen die elders zullen uitbloeien. De film is een lofzang op het leven, te midden van het geweld van de bommengooiers. Deze machthebbers gaan enkel uit van hun eigen logica en hebben hun menselijk hart op slot gedaan.  Dit is even absurd als de houding van de rest van de wereld, die niets doet om het doden van burgers, en vooral van kinderen te stoppen.  Geloven zoals Jezus het bedoelt is je verzetten tegen alles wat het leven zoals God het geeft wil vernietigen. Het is liefde overeind houden in een vaak absurde wereld.   

vader Paul


Overweging voor zondag 16 augustus 
Er waren deze maand twee belangrijke kerkelijke feesten.
Op 6 augustus het feest van de verheerlijking van Jezus op de berg Tabor. Jezus openbaarde aan drie uitverkoren leerlingen zijn goddelijke heerlijkheid.  Zijn gelaat glansde en zijn kleren werden stralend wit.  Het licht van zijn toekomstige Verrijzenis brak voor een moment door, terwijl de duisternis van zijn naderend lijden en dood steeds meer dreigde.
Op 15 augustus, gisteren, was er het feest van het ontslapen van de Moeder Gods, de ten hemelopneming van Maria. Ook hier wordt ons een hemels perspectief geboden. Na Christus zal zijn moeder delen in zijn hemelse heerlijkheid, als een belofte voor ons allemaal. Beide feesten tonen ons dat deze aardse zichtbare  werkelijkheid niet op zichzelf bestaat, maar ingebed en opgenomen is in een onzichtbare goddelijke wereld. Soms breekt die wereld bij ons binnen, als troost en als belofte van een luisterrijke toekomst.

Ik herinner mij een vakantie ervaring, zo’n veertig jaren geleden. Wij keerden met ons tentje terug uit Noorwegen en voeren op een schip van Oslo over de Sont naar Denemarken. De avond viel en de zon stond laag boven een rimpelloze zee. Op het achterdek zat ook een groep Engelse soldaten. Begeleid met een gitaar zongen zij Negro Spirituals: “He’s got the whole world in His hands, Hij draagt de hele weidse wereld in Zijn handen” en wij, de overige passagiers, zongen allemaal mee. Een onvergetelijk vredig moment. Wij voelden: ons bestaan is geen verlorenheid, maar ten diepste geborgenheid. En die ervaring brengt ons als mensen ook tot elkaar ondanks onze verschillen. Onze westerse cultuur erfde heel veel van het Christendom. Maar veel mensen raken hier nu vervreemd van. Ik vraag mij af of nu nog een boot vol toeristen dit lied van harte kan meezingen. Gaan we terug naar het heidendom?

Ik heb mij in de afgelopen zomertijd verdiept in de geschiedenis van het Romeinse Rijk. Ik las de trilogie van de schrijver Robert Harris over Cicero: Imperium, Lustrum en Dictator. De advocaat, rechtsgeleerde en politicus Cicero leefde van 106 voor Chr. tot 43 voor Chr. Hoe beleefden de ontwikkelde Romeinen in die tijd hun wereld? De oude goden hadden veel aan geloofwaardigheid ingeboet, zij boden geen houvast meer en geen echte bescherming. Wie toen in een slapeloze nacht naar de sterrenhemel keek voelde ‘de onmetelijke onverschilligheid van het universum’. Maar ook de politieke wereld was er uiterst onveilig. De hoogstaande Cicero, gemotiveerd om het belang van de Romeinse Republiek te dienen, wordt door tegenstanders zo zeer bedreigd dat hij in ballingschap moet vluchten, hij raakte daarna betrokken bij een burgeroorlog en wordt op het laatst ook zelf vermoord. Een andere schrijver, Tom Holland, beschrijft in zijn boek ‘Heerschappij’ de Romeinse en Griekse wereld als een strijdperk waar enkel mannen het voor het zeggen hadden en waar vrouwen en zeker slaven niet of nauwelijks meetelden.  Hun motto was: ‘Vecht altijd dapper en wees superieur aan anderen’. Hoe revolutionair was dan niet de boodschap van de apostel Paulus: in Christus zijn wij mensen allen gelijk: in Hem is man noch vrouw, Jood noch Griek, slaaf noch vrije, Romein noch barbaar. Is het huidige protest tegen racisme, geen echo van deze oer christelijke boodschap?
Willen wij in onze moderne wereld niet ten prooi vallen aan versplinterde willekeur en dictatuur van fake news en populisme, dan zullen we ons bewust moeten worden van onze christelijke wortels. En wij als bewuste christenen zullen uit onze schulp moeten kruipen en hier openlijk en moedig van getuigen. Wij zijn allemaal kinderen van één Vader die de hele wereld in zijn handen draagt en dwars door alles wat ons bedreigt naar Zijn glorievolle toekomst leidt.

vader Paul

 

Overweging 3e zondag na Pinksteren (21 juni 2020)
In het evangelie van deze 3e zondag na Pinksteren zegt Jezus: “Wees niet bezorgd voor je leven, wat je zult aantrekken of hoe je je zult voeden. Kijk naar de vogels in de lucht en de bloemen op het veld. Uw hemelse Vader weet wat ge nodig hebt aan voedsel of kleding.”
Hoe moeten wij dit opvatten, juist in deze zorgelijke tijd van de Corona-pandemie? Volgens een recent onderzoek van een groep Oostenrijkse sociologen kan niet bewezen worden dat bidden helpt tegen corona. Maar zij hebben wel vastgesteld dat mensen die bidden en voor wie geloof belangrijk is, de coronacrisis optimistischer en beter beleven. Gelovigen aanvaarden volgens hen gemakkelijker beperkingen die aan het openbare leven worden opgelegd en ze proberen op een (pro)actievere manier de crisis het hoofd bieden.

De sociale wetenschappers stellen bij de gelovigen ook meer vertrouwen in de overheid en openbare instellingen vast. Zij stemmen ook sneller in met het overheidsbeleid en politierichtlijnen en zij zijn eventueel bereid om al of niet tijdelijk meer belasting te betalen om de gevolgen van de crisis economisch te boven te komen. We kunnen dus concluderen dat geloven en godsvertrouwen een opbouwende kracht is. Natuurlijk zijn er ook heel veel niet-gelovigen die positief denken en handelen. De vele harde werkers in de zorg en de onderzoekers die overuren maken in de zoektocht naar een geneesmiddel of vaccin tegen Corona zijn lang niet allemaal gelovigen.

Een bijzondere wèl gelovige hulpverlener is de Armeens – Nederlandse arts Gor Khatchikyan ( 33 jaar ). Samen met zijn ouders en broer vluchtte hij naar Nederland. Na jaren van onzekerheid kregen zij asiel door het generaal pardon. Over de reden van hun vlucht kan en mag hij in het openbaar niets zeggen. Hij studeerde voor arts. Op de vraag of veel asielzoekers geen gelukzoekers zijn zegt hij: “Iedereen is een gelukzoeker. Nederlanders ook. Ieder mens is toch op zoek naar veiligheid en geluk? Ben ik nu hier omdat ik in Armenië ongelukkig zou zijn? Nee, dat denk ik niet. Ben ik hier om alleen maar te profiteren? Nee, mijn leven bewijst het tegendeel: ik zet mij juist enorm in om voor een ander iets te betekenen.

Maar het grootste geluk dat mij in Nederland is overkomen, is dat ik tot geloof ben gekomen in de levende God. Het klinkt een beetje arrogant, maar mijn droom is om gelukbrenger te zijn. Ik wil hier van dienst zijn, een bron van zegen voor anderen. Ik kom hier niet alleen iets halen, maar ook iets brengen. Zowel in mijn werk als in mijn geloof. In die zin is de Bijbelse Jozef, die als slaaf naar Egypte werd gevoerd, echt een voorbeeldfiguur voor mij. Een fantastische vent vind ik hem. Ondanks de moeilijke jaren die hij doormaakte in de gevangenis, waarin hij niets zag van Gods beloften, bleef hij trouw. Uiteindelijk kreeg hij een succesvolle baan als onderkoning en kon hij zijn eigen volk dienen. Ik bid vaak: ‘Heer, laat mij een Jozef in Nederland zijn.”

In deze Coronatijd werkt hij in het St. Antoniusziekenhuis in Nieuwegein en zegt: “ ik benut naast de stethoscoop mijn Bijbeltje. Ik zeg tegen angstige patiënten: wij doen alles om u te helpen zodat u weer beter mag worden. Maar als dat soms niet lukt wil ik die patiënt helpen om waardig te kunnen sterven”. Maar Gor Khatchikyan heeft ook politieke ambities. Ik las ergens dat hij hoopte ooit nog premier van ons land te worden, echt uit gelovige dienstbaarheid. God zorgt voor ons mensen door bemiddeling van medemensen die zich helemaal in oprechtheid en dienstbaarheid durven te geven voor het geluk van anderen.

Deze ‘overweging in Coronatijd’ is voorlopig de laatste. Even een zomerstop. Wij hopen dat onze vieringen mogelijk in augustus of anders in het najaar hervat kunnen worden. Dit wordt tijdig bericht op deze site.

vader Paul

 

Overweging 2e zondag na Pinksteren (14 juni 2020)
Het evangelie van deze zondag, Mattheus 4, 18 – 23 eindigt aldus: “Jezus trok rond door geheel Galilea, terwijl Hij als leraar optrad in hun synagogen, de Blijde Boodschap verkondigde van het Koninkrijk en alle ziekten en kwalen onder het volk genas.“Jezus als genezer. In deze tijd van de dreiging door het Corona-virus is dit heel actueel.
We zien dit op deze icoon.

overweging1

We moeten beseffen dat Jezus de genezer is voor ons allemaal, ook als wij lichamelijk goed gezond lijken. Op woensdagavond in de Heilige Week heeft in de Byzantijnse traditie de ziekenzalving plaats die dan gegeven wordt aan àlle aanwezige gelovigen. De biecht wordt eveneens gezien als het sacrament van genezing van het kwaad dat in ons aanwezig is. Jezus is hier Jezus onze genezer door de kracht van Zijn vergeving. Ziekte kan ook de samenleving als geheel aantasten. De laatste weken dringt tot ons, witte Nederlanders, door hoezeer racisme veel meer bij ons aanwezig is dan wij dachten.
De vraag is of onze samenleving ook niet ziek is door de onverschilligheid voor 33.000 vluchtelingen die in overvolle kampen op Griekse eilanden moeten zien te overleven. Het is er een hel vol ongedierte, er is veel te weinig sanitair en schoon water, er heerst schurft, de mensen zijn er ondervoed, lijden onder onderlinge agressie en moeten slapen tussen stinkende riolen. Door de Lock down komen ook geen medici en andere hulpverleners in de kampen. Er leven daar veel kinderen zonder ouders. Er zijn er onder hen die zichzelf uit wanhoop verwonden en soms zelfs zelfmoord plegen. De Nederlandse regering weigert zelfs een klein deel van deze kinderen op te vangen, hoewel lokale bestuurders er hier wel op aandringen Op deze icoon zijn ook de kinderen te zien.

vader Paul

Kerkbericht

Kerkbericht

  KERKBERICHT NR. 3a-2020 Zondag 20 september is er een viering van de Goddelijke Liturgie, om 10.30 uur in de H. Johannes - H. Bernarduskerk, Oranje Nassaulaan 2, te Utrecht Celebrant: vad...

Read more

Vieringen bijwonen

Vieringen bijwonen

Vieringen bijwonen U bent van harte welkom om onze vieringen bij te wonen, of om eens rustig een kijkje te komen nemen.Vanaf 10.15 uur kunt u binnenlopen in de kerk. De lector (lezer) is dan het De...

Read more

Nieuws, lief en leed

Nieuws, lief en leed

Nieuws       Terugblik 23 augustus Op 23 augustus jl. hadden we een zeer geslaagde bijeenkomst op het landgoed Rhijnauwen. Er waren 31 leden van onze gemeenschap aanwezig en ...

Read more

Archief

Archief

Archief In dit archief zijn documenten opgenomen van Overwegingen van Vader Paul Brenninkmeijer, van Kerkberichten en van Jaarverslagen van de gemeenschap Wladimirskaja. Voor oudere documenten kunt u...

Read more

Fotogalerij

Fotogalerij

Fotogalerij  In deze fotogalerij zijn foto's opgenomen van gebeurtenissen in onze Gemeenschap. Als u foto's in uw bezit hebt die naar u mening een plaats in het archief zouden verdienen, neem da...

Read more

Koorleden gevraagd

Koorleden gevraagd

Koorleden gevraagd De Wladimirskaja gemeenschap heeft een eigen koor, dat de voorgeschreven gezangen van alle vieringen zingt. In de Byzantijnse ritus neemt het koor een belangrijke, zelfs onmi...

Read more