Preek op de 4e zondag na Pinksteren

Soms ontmoet je mensen die als volwassenen op latere leeftijd bewust tot het christelijk geloof gekomen zijn, mensen van wie je het vaak niet zou verwachten. Dit gebeurt ook in het evangelie van vandaag. Waar Jezus onder de indruk is van het geloof van een buitenstaander een Romeinse officier, een honderdman. De manier waarop deze man gelooft is duidelijk bepaald door zijn kijk op de wereld als legerofficier. Hij vergelijkt de macht van Jezus met de macht die hijzelf heeft over zijn soldaten, die de bevelen die hij geeft opvolgen. Wel, zo wil hij zeggen: op dezelfde manier heeft God in Jezus de macht om genezing te bewerken voor mijn zieke knecht. Zo gelooft deze man op een eigen persoonlijke manier. Velen van ons hebben het geloof met de paplepel meegekregen. Het gevaar is dat het dan iets vanzelfsprekends krijgt, iets sleets en alledaags. Het kan te gewoontjes worden. Dan is het goed om mensen te treffen die misschien een groot deel van hun leven een ongelovige waren, maar die het geloof ontdekt hebben als een bijzondere kracht. Een man die op latere leeftijd tot geloof gekomen was zei eens tegen mij: het kan niet anders dan dat het God zelf is die in mijn leven aan het werk is. Maar zei hij, u moet niet denken dat ik geen twijfel heb. Met mijn geloof zijn de vragen niet verdwenen. Naast de momenten dat ik voel dat God er is en dat God bij mij is zijn er net zo goed momenten dat God ver weg lijkt. Dan moet ik puur af gaan op het blinde vertrouwen. Ook deze man heeft een heel persoonlijk geloof, maar hij heeft ook de ontmoeting met andere gelovigen nodig om in het geloof te blijven volharden. En zo hebben we allemaal andere mensen nodig om ons geloof samen mee te delen, om het levend te houden en het niet te laten verkommeren.

En dit vinden we in een geloofsgemeenschap.Wat een geluk dat we vanaf nu weer regelmatig onze Byzantijnse vieringen kunnen houden, en hopelijk over niet al te lange tijd zonder de beperking van het aantal aanwezigen. Gelukkig kunnen we verder gaan als gemeenschap nu Hermann, Jan en Ilse om gezondheid redenen niet lange hun diensten hier konden voortzetten. We zijn dankbaar dat Wim Zwanikken tijdelijk het kosterschap op zich heeft  genomen en straks zullen Harm Goris en Freek Boers van de JOB deze taak vervullen. Naast Aschwin Sep zal Allard Griffioen acoliet zijn. We zijn ook hen erg dankbaar. Ook danken we het bestuur, Dorine en Anna Maria voor hun niet aflatende zorg, ook bij de ingewikkelde regelingen rondom onze vieringen in Coronatijd, samen met vrijwilligers.  En natuurlijk Dolf, onze dirigent en de zangers. Zo vieren we nu het patroonsfeest van onze gemeenschap Wladimirskaja. Want de Moeder Gods Maria met haar prachtige icoon is onze bescherming.

Maar het is allemaal niet vanzelfsprekend. Aan het einde van het evangelieverhaal uit Jezus een waarschuwing aan die kinderen van Israël die het laten afweten, hun plaats wordt ingenomen door buitenstaanders, zoals die honderdman. Laten wij die vertrouwd zijn in deze geloofs-gemeenschap dankbaar zijn voor onze medegelovigen, God-zoekers die zich blijven verwonderen. Straks hopen we weer met elkaar na de viering rond de koffie na te praten. Laten we elkaar daarbij versterken in ons geloof, vertellen over wat we in ons geloof aan rijkdom ervaren, zonder de vragen die we ook hebben te verzwijgen of weg te stoppen. En zoals de honderdman in het evangelie met zijn nood bij Jezus terecht kon, zijn zorg om zijn zieke knecht, zo moeten ook wij met onze zorgen van tijd tot tijd ook hier bij elkaar terecht kunnen en kunnen rekenen op elkanders medeleven. Dan zullen we ervaren dat Christus zelf bij ons is, met zijn bemoedigende en leven gevende kracht, onder de voorspraak en de bescherming van de Moeder Gods Wladimirskaja.

vader Paul 

  

Preek op Pinksteren

Pinksteren is het feest van de Heilige Geest. Waarom Pinksteren? De Heilige Geest werkt toch het hele jaar door? De Geest daalde over Maria toen zij zwanger werd van Jezus, de Geest daalde over Jezus bij zijn doop in de Jordaan. Op paasavond zegt de verrezen Jezus tegen de apostelen: Ontvangt de Heilige Geest, om zonden te vergeven. De Geest is overal als het zout in de pap. Maar met Pinksteren vieren wij dat de volheid van de Geest aan de kerk en aan de wereld geschonken wordt.
Ja, niet alleen aan de kerk. In de byzantijnse traditie is groen de liturgische kleur van dit feest. In orthodoxe kerken ligt op de vloer fris groen gras. En inderdaad: buiten is er overal het mooiste groen. De wereld komt tot rijping, de schepping komt tot voltooiing, ondanks alle verval, dat is onze hoop.

De feesticoon vandaag is die van de neerdaling van de Heilige Geest over de apostelen. We zien ze zitten op een u-vormige bank. Maar eigenlijk is dit een open ruimte en is het de bedoeling dat wij allemaal hier bij gaan zitten en dat de Geest ook over ons zal komen. Wij mogen door de Geest bezielde mensen zijn. God woont door de Heilige Geest in ons, en dat geeft ons een innerlijke rust. En van daar uit maakt de Heilige Geest ons weerbaar. Als je je veilig weet bij de drie-ene God, als je leeft vanuit Gods liefde omdat God van je houdt, kun je heel veel aan, ook in onveilige situaties. Als gelovigen mogen wij krachtig in het leven staan. We kunnen door de Geest tegenslagen verwerken en zo nodig hulp vragen. De Geest zet ons over onze schroom heen om naar anderen uit te komen voor ons geloof, van wat ons het diepste bezielt en inspireert. Om dit niet alleen voor onszelf te houden. Je mag ervan getuigen.

Weerbaar betekent ook dat we niet met alle winden hoeven mee te waaien. De Geest geeft ons vrijheid om zelf keuzes te maken. Dat we niet ten prooi hoeven te vallen aan enkel de tijdgeest. Zoals een ingezonden brief in de krant het van de week kernachtig en spottend beschreef: Catechismus: waartoe zijn wij op aarde? Om op terrassen te zitten, om op vakantie te gaan, om festivals te bezoeken: catechismus 2021. Er is waarachtig heel wat meer om warm voor te lopen. Wij hoeven ook niet mee te huilen met de wolven in het bos. En mee doen met algemeen geklaag en gevit. We hoeven niet mee te doen met het met de vinger wijzen naar anderen die het altijd verkeerd doen, alsof we zelf brandschoon zijn.

De Geest helpt ons ook om woorden van de Bijbel op onszelf toe te passen, door ze op een originele manier te verstaan. Zo worden die woorden iets van onszelf, en wordt een dode letter levend. De Geest bevordert ieders eigenheid die uniek is. De Geest helpt ons ook om al wat ons bezig houdt in gebed voor God neer te leggen en zo te wachten op de goede ingevingen die de Geest ons geeft. Als je een moeilijk gesprek moet aangaan, in een conflictueuze situatie, zal de Geest je de goede woorden ingeven, zegt Jezus. De Geest laat ons ook zien wat goed en wat verkeerd is. Want bij dit alles leert de Geest ons ook om te onderscheiden. De onderscheiding des geestes wordt dit wel genoemd. Niet elke ingeving is altijd goed. Ons eigen hart en de Heilige Geest botsen soms met elkaar. We moeten soms sorry zeggen: ik deed of dacht iets verkeerds. De Geest daagt ons ook voortdurend uit om ook in ons eigen leven het grote levens-programma van Jezus ten uitvoer te brengen. Jezus zei immers in de synagoge in Nazareth: de Geest des Heren rust op mij om de armen een blijde boodschap te brengen, om mensen die gevangen zitten een stuk bevrijding te brengen, blinden de ogen te openen, onderdrukte mensen vrijheid te geven. Er is dus genoeg te doen. En ondanks alle tegenwerking en negativiteit in deze wereld zien wij de Geest aan het werk overal, waar mensen daadwerkelijk geholpen worden in nood, waar vrede wordt gesticht, en achtergestelden aan hun recht komen. Bij gelovigen of niet gelovigen: de Geest waait waar Hij wil.

vader Paul 

  

Overweging bij de 7e zondag van Pasen

16 mei 2021.   Evangelie: Johannes 17, 1-13

Er bestaat een DVD van de cabaretier Herman Finkers die in gesprek is met presentator Paul Witteman. Paul Witteman vindt de “Mattheus Passie” van Johan Sebastiaan Bach heel mooi, maar beleeft het beslist niet religieus. Herman Finkers vindt dat schoonheid op zich al een Godservaring is. Voor Paul Witteman is de dood het einde van alles, voor Herman Finkers is de dood een groot geheim, een overgang naar een veel ruimere dimensie dan dit aardse leven. Paul Witteman benadert de dingen met zijn verstand, Herman Finkers met religieuze intuïtie.
Met ons verstand wordt wetenschap beoefend. Maar er bestaat er ook een andere manier van kennen. Zoals geliefden elkaar kennen, door met elkaar om te gaan, door elkaar aan te voelen, door belevingen, en door innerlijk geraakt worden.
Wel, dit kennen bedoelt Jezus als Hij in het evangelie van vandaag bidt: ‘Dit is het eeuwige leven dat zij, mijn leerlingen, U, God, kennen’. Jezus bedoelt hier het kennen van de Vader, maar ook het kennen van Jezus als de Zoon, de Christus. Dit kennen houdt een relatie in. Dit stukje evangelie is een deel van het gebed dat Jezus bidt bij het laatste avondmaal, als Hij zijn leerlingen zal verlaten en Hij hun de belofte geeft van de Heilige Geest. De apostelen staan met de Vader en de Zoon in relatie als ranken aan de wijnstok. Zo zijn zij geheiligde mensen. En zo mag dat ook zijn bij ons.
Vlak voor de communie wordt in de Byzantijnse Liturgie gezongen: “het heilige is voor de heiligen”. Wat wordt daarmee bedoeld?  De Heilige Geest maakt dat wij geheiligd worden, dat we in onze geest en in ons hart bereid worden om de dingen van God te kunnen verstaan en in ons opnemen. Dit vieren we met Pinksteren, de komst van de Heilige Geest in ons leven.                                                

Je wordt soms getroffen door de manier waarop mensen iets van God ervaren. Ik denk aan een man die zijn vrouw na een ernstige ziekte had verloren. Na de voorbereiding van de uitvaart, ging hij naar buiten, intens verdrietig, hij maakte een wandeling door een heel mooi natuurgebied met vennen, en de zon scheen prachtig over het zilveren water. Ineens kwam er een psalmwoord bij hem op: Van U, God, is de aarde met al wat zij bevat. Er kwam een enorme troost over hem. Dat gevoel van geborgenheid sterkte hem bij de uitvaart en bleef daarna bij hem en maakte dat het meest pijnlijke van het gemis dragelijk werd. Of ik denk aan die vrouw die een hele zware operatie moest ondergaan. De dokter had gezegd: het kan goed gaan, maar het kan ook helemaal mis gaan. Zij was behoorlijk zenuwachtig. Maar een uur voor de operatie pakte zij een gebedenboek, zij sloeg het open en zij las: je leven is in Gods hand, wat er ook gebeurt. En ineens kwam er een grote rust over haar. Geheel ontspannen liet zij zich naar de operatiekamer voeren. En het is gelukkig heel goed gegaan. Het is belangrijk dat gelovigen zulke verhalen aan elkaar vertellen. Dat wij niet alleen maar stil voor onszelf houden wat wij van God hebben ervaren. En dat bewonder ik in Herman Finkers die openlijk voor zijn geloof uitkomt, met humor, zonder opdringerig te zijn! Zeker, er bestaat ook een gepaste gêne, een verlegenheid, om over dit soort dingen te spreken. Want je mag God ook niet overal te pas en te onpas bijhalen, God blijft een geheim! Er bestaat ook een verkeerde zucht naar bijzondere religieuze belevingen. Iemand ging een week naar een klooster en verwachtte dat hij diep geraakt zou worden en in een haast mystieke trance zou komen. Maar het viel tegen. Het kloosterleven kan ook hard en taai zijn. Het uithouden zonder dat je meteen geraakt wordt. We mogen nooit vergeten dat de Heilige Geest een echte gave is. Iets dat je geschonken wordt, onverwacht. Iets dat je nooit kan afdwingen. Toen de Heilige Geest in vurige tongen over de apostelen was neergedaald gingen zij de straat op en verkondigden luid hun verhaal. En toen hoorden mensen van overal in hun eigen taal welke grote dingen God onder mensen gedaan heeft. Zij stonden ervoor open. Behalve die éne die riep: “die lui zijn alleen maar dronken!"

vader Paul